dinsdag 20 oktober 2009
Is er onvoldoende aandacht voor gezondheid moeder?
Als er sprake is van zwangerschapscomplicaties laten artsen het belang van het ongeboren kind zwaarder wegen dan het belang van de nieuwe moeder. Uit onderzoek blijkt dat er meestal meer aandacht is voor de gezondheid van het ongeboren kind dan voor de gezondheid van de aanstaande moeder. Het schijnt dat veel artsen zelfs terughoudend zijn met behandelen omdat ze bang zijn het kind te verwonden. Wat gaat nu voor: de moeder of haar kind?In zeven van de duizend gevallen wordt de moeder tijdens de zwangerschap ernstig ziek. Dit hadden artsen kunnen voorkomen. Uit het eerste grootschalige onderzoek in Nederland naar ernstige complicaties bij vrouwen tijdens de zwangerschap en bevalling blijkt dit dan ook. Bij dit soort ernstige complicaties gaat het dan onder andere om zware bloedingen, het scheuren van de baarmoeder of zwangerschapsvergiftiging. Dat kan doorgaans beginnen met hoge bloeddruk en eindigen met epileptische aanvallen of leverbeschadigingen en problemen met de bloedstolling. Tussen augustus 2004 en augustus 2006 constateerden ziekenhuizen wel 2500 zwangerschappen waarbij de moeder ernstig ziek werd. Volgens artsonderzoeker Joost Zwart komen deze cijfers globaal overeen met andere westerse landen. Er bestaat wel een duidelijk verschil als het om soorten complicaties gaat. In Nederland kwamen problemen door hoge bloeddruk relatief vaker voor dan in andere westerse landen. Volgens Zwart zijn Nederlandse gynaecologen te terughoudend geweest met behandelen. Dit uit angst voor schade aan het kind. Zwangerschapsvergiftiging is bijvoorbeeld alleen te behandelen door de baby vervroegd geboren te laten worden. “In Nederland waren we er erg opgespitst dat zo lang mogelijk uit te stellen. Gemiddeld blijft een kind hier zo'n drie weken langer in de buik dan in Groot-Brittannië.”Bovendien blijkt uit het onderzoek dat bij 80 procent van de vrouwen de zorg niet optimaal is geweest, vertelt Zwart. “Blijkbaar houden we die moeder toch minder goed in de gaten.” Zwart vindt het erg belangrijk dat deze gegevens structureel worden bijgehouden. Er vinden volgens hem al aanpassingen plaats op basis van de bevindingen van de studie in de gynaecologische praktijk. Er wordt bijvoorbeeld minder lang gewacht met het inleiden van de bevalling. Enkel een vervolgonderzoek, vertelt hij, kan inzicht geven of dit tot betere zorg leidt.Bron: Trouw en Margriet, Donderdag 10 september 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten